Een nieuwe proeffabriek in Zoetermeer geeft bedrijven de mogelijkheid om nieuwe circulaire en biobased bouwmaterialen te ontwikkelen, testen en op te schalen. BioBuilt van TNO moet een bijdrage leveren aan de verduurzaming van de bouwsector en de aanpak van het woningtekort.
De proeffabriek is eerder deze week geopend door minister Elanor Boekholt-O’Sullivan van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening. Nederland staat voor de uitdaging om in korte tijd een groot aantal woningen te realiseren in de strijd tegen het woningtekort. Tegelijkertijd moet de bouwsector voldoen aan steeds strengere klimaat- en circulariteitsdoelstellingen. Traditionele bouwmaterialen zijn daarbij verantwoordelijk voor een aanzienlijk deel van de CO₂-uitstoot en het grondstoffengebruik in de bouw.
Houtvezels, gewassen en andere natuurlijke reststromen
Klimaatneutraal bouwen vraagt volgens TNO om alternatieve bouwmaterialen die hernieuwbaar zijn, CO₂ opslaan en minder afhankelijk zijn van schaarse grondstoffen. Biobased materialen zoals hout en isolatie- en plaatmateriaal gemaakt uit houtvezels, gewassen en andere natuurlijke reststromen kunnen daarbij een belangrijke rol spelen.
TNO BioBuilt is onder meer gericht op het verwerken van dergelijke reststromen tot hoogwaardige bouwmaterialen. Zo moet de fabriek helpen innovaties door te ontwikkelen tot grootschalige toepassingen in woningen en andere gebouwen.
Het opschalen van de productie is in de praktijk vaak een uitdaging. Zo beschikken bedrijven niet altijd over de juiste faciliteiten, kennis of investeringsruimte om nieuwe materialen op productieschaal te ontwikkelen en testen.
Risico’s wegnemen
BioBuilt moet uitkomst bieden en partijen hierbij helpen. Bedrijven kunnen in de proeffabriek experimenteren met onder meer de samenstelling van producten en productieprocessen, producten valideren en demonstraties uitvoeren voordat zij zelf investeren in grootschalige productielijnen. TNO BioBuilt moet zo risico’s voor bedrijven wegnemen en de marktintroductie van duurzame producten versnellen.
Minister Elanor Boekholt-O’Sullivan: “We willen meer, sneller en beter bouwen. Zodat mensen sneller een fijn huis kunnen krijgen. Daarvoor zijn nieuwe manieren van bouwen en schonere bouwmaterialen nodig. Natuurlijke, ofwel biobased, materialen passen daar heel goed bij. De uitdaging is nu om de productie op te schalen, zodat deze materialen ook echt in onze woningen kunnen worden toegepast. TNO BioBuilt helpt bedrijven bij die stap. Daarom ben ik heel blij met de opening van deze TNO BioBuilt-onderzoeks- en productiefaciliteit.”
Ontbrekende schakel
“In TNO BioBuilt kunnen innovatieve oplossingen opgeschaald worden voor toepassing in de praktijk. Daarmee vormt het de ontbrekende schakel tussen technologische ontwikkeling en grootschalige toepassing, en precies dat is innovatie”, zegt Machteld de Kroon, managing director van de TNO-unit Mobility & Built Environment.
De focus ligt onder meer op het hergebruik van afvalhout voor hoogwaardige toepassingen, waaronder deuren, kozijnen en constructieve houten bouwdelen. Ook wordt onderzocht hoe vezels afkomstig uit reststromen als tomaten- en paprikaplanten, evenals snoeiafval, kunnen worden gebruikt voor isolatie- en plaatmaterialen. Deze reststromen zijn op grote schaal beschikbaar in Nederland. Zo wordt op jaarbasis circa 1,5 miljoen kubieke meter afvalhout verbrand en 500.000 ton restafval gecreëerd in de glastuinbouw.
De faciliteit is mede gerealiseerd dankzij een investering vanuit het Nationaal Groeifondsprogramma Toekomstbestendige Leefomgeving (TBL) van het ministerie van BZK en het FTO-investeringsprogramma voor toegepaste onderzoeksfaciliteiten van het ministerie van EZK. TNO werkt voor de verdere opschaling van industriële, circulaire en biobased ketens binnen TBL samen in de opschalingsketen ‘Biobased bouwsystemen als nieuwe industriële standaard’ en met de Nationale Aanpak Biobased Bouwen (NABB) en het Innovatie- en Opschalingsprogramma voor de woningbouw (IOP).