Het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) onderzoekt of het AI-model POLARIX veilig en betrouwbaar genoeg is als instrument voor de voorselectie bij de diagnose van baarmoederkanker. Het doel daarbij is vast te stellen welke patiënten daadwerkelijk aanvullend DNA-onderzoek nodig hebben, om zo de druk op de diagnostische capaciteit te verminderen. Stichting KWF Kankerbestrijding stelt voor het onderzoek ruim 1 miljoen euro subsidie beschikbaar.
Bij de behandeling van baarmoederkanker spelen de kenmerken van de tumor een cruciale rol. Een belangrijke biomarker daarbij is een mutatie in het zogeheten POLE-gen. Patiënten bij wie deze mutatie wordt vastgesteld, hebben doorgaans een uitstekende prognose en hoeven na een operatie meestal geen aanvullende behandeling zoals bestraling of chemotherapie te ondergaan. Dit is te achterhalen met behulp van DNA-onderzoek, waardoor de behandeling zo goed mogelijk kan worden afgestemd op individuele patiënten.
Niet standaard bij elke patiënt uitgevoerd
Op dit moment kan alleen een DNA-test met zekerheid vaststellen of een tumor een POLE-mutatie bevat. Die test is betrouwbaar, maar vergt capaciteit en specialistische expertise die niet overal voorhanden zijn. Daardoor wordt de test, zowel in Nederland als internationaal, niet bij elke patiënt uitgevoerd. Hierdoor bestaat het risico dat over sommige patiënten relevante behandelinformatie niet beschikbaar is.
Het AI-model POLARIX, ontwikkeld door het LUMC in samenwerking met het AI-onderzoeksteam AIRMEC, moet uitkomst bieden. Het model analyseert digitale beelden van weefsel en voorspelt welke patiënten een verhoogde kans hebben op een POLE-mutatie. Alleen bij patiënten met een verhoogde kans op een POLE-mutatie wordt vervolgens een DNA-test uitgevoerd.
Beschikbare capaciteit efficiënter inzetten
De werkwijze helpt het aantal benodigde DNA-testen fors terug te dringen, zonder dat dit ten koste gaat van de diagnostische kwaliteit. Dit bespaart niet alleen geld en tijd, maar zorgt er ook voor dat beschikbare capaciteit gebruikt kan worden voor patiënten bij wie dat daadwerkelijk meerwaarde biedt.
De volgende fase van het onderzoek richt zich op de vraag of POLARIX ook in de dagelijkse praktijk veilig en betrouwbaar functioneert. Om dit te onderzoeken wordt het model in meerdere ziekenhuizen in Nederland en daarbuiten getest. Daarbij ligt de focus niet alleen op de nauwkeurigheid van de voorspellingen die het AI-model doet, maar ook op de prestaties bij uiteenlopende patiëntgroepen en zorgomgevingen.
Kan driekwart van de DNA-testen overbodig maken
Het LUMC en AIRMEC schatten dat als het model succesvol blijkt te werken zo’n driekwart van de huidige DNA-testen niet meer nodig is. De impact van het model kan dan ook groot zijn, niet alleen in Nederland maar ook daarbuiten. Zo is DNA-diagnostiek in sommige landen slechts beperkt beschikbaar. Het model kan helpen om beschikbare capaciteit gerichter in te zetten.
De subsidie van het KWF willen de onderzoekers gebruiken om POLARIX verder te ontwikkelen en geschikt te maken voor gebruik in de dagelijkse praktijk. Ook willen zij met POLARIX meer gepersonaliseerde behandelingen mogelijk maken voor vrouwen met baarmoederkanker.