Windturbines zijn essentieel voor de wereldwijde transitie van fossiele brandstoffen naar groene energie. Maar wat gebeurt er als de windturbinebladen het einde van hun levensduur bereiken? Vaak belanden ze op stortplaatsen, wat natuurlijk niet ideaal is. Met dat probleem in gedachten heeft een architect een slim idee bedacht: de afgedankte rotorbladen gebruiken als bouwmateriaal.
Het project is tot stand gekomen in samenwerking met de Zweedse groene-energiegigant Vattenfall. Het bedrijf onderzocht eerder ook al de mogelijkheid om een gebruikte turbinebehuizing (waar de generator en de tandwielkast in zitten) om te bouwen tot een tiny house. Het idee voor dit project ontstond toen architect Jonas Lloyd van Lloyd’s Arkitektkontor door projectontwikkelaar LKP werd gevraagd om een nieuwe parkeergarage te bouwen.
Hij kwam op het idee na het lezen van een tijdschriftartikel over de uitdagingen die de windturbinesector ondervindt bij het recyclen van afgedankte bladen. Rotorbladen zijn ontworpen om tientallen jaren lang wind en weer te weerstaan en zijn daarom gemaakt van verschillende composietmaterialen, zoals glas en koolstofvezel. Dit maakt de bladen uiterst duurzaam, maar ook moeilijk te recyclen.
Het gebouw waar de afgedankte turbinebladen worden toegepast is de Niels Bohr-parkeergarage in de wijk Brunnshög aan de rand van Lund, Zweden. Het omvat uit 365 parkeerplaatsen, verdeeld over vijf verdiepingen, waaronder 40 oplaadpunten voor elektrische voertuigen en een eigen batterij voor energieopslag. Vattenfall schonk 57 afgedankte rotorbladen, die zorgvuldig zijn gesneden en vervolgens op de gevel zijn gemonteerd om de vliesgevels van het gebouw te vormen. Dat wil zeggen, de niet-dragende muren die grote delen van de decoratieve buitenkant bedekken. De buitenkant is ook voorzien van plantenbakken met lokale groenvoorzieningen, die het uiterlijk van het gebouw na verloop van tijd kleur zullen geven.
Lloyd hoopt dat de turbines in de toekomst voor meer architectuurprojecten kunnen worden gebruikt en anderen kunnen inspireren om anders over bouwafval te denken.