Hele wereld kijkt mee naar onderzoek kunstmatige baarmoeder

Leesduur: +/- 3 min.
Er is een belangrijke vervolgstap gezet in de ontwikkeling van een kunstbaarmoeder. Het consortium onder leiding van Eindhovense onderzoekers dat aan deze baanbrekende innovatie werkt, heeft een Europese subsidie ontvangen van 2,9 miljoen euro. De kunstmatige baarmoeder kan ervoor zorgen dat veel te vroeg geboren baby's overleven.

Prof. Frans van de Vosse. Foto: Bart van Overbeeke

Het idee van de kunstbaarmoeder werd vorig jaar gepresenteerd tijdens de Dutch Design Week en sindsdien kijkt zo goed als de hele medische wereld mee met het onderzoek. De totstandkoming van de innovatie is een stap dichterbij nu de onderzoekers een nieuwe subsidie van € 2,9 miljoen euro van EU-programma Horizon 2020 hebben gekregen.

Veel te vroeg geboren baby's hebben een veel grotere kans op overleven dankzij een kunstbaamoeder. Daarin worden de omstandigheden van een echte baarmoeder nagebootst. Een jaar geleden was er enkel nog maar een ontwerp, dankzij de subsidie kan nu een werkend prototype worden gemaakt. De initiatiefnemers in het Europese consortium die de subsidie hebben ontvangen, zijn prof. Frans van de Vosse en Prof. Loe Feijs van de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e) en Prof. Guid Oei van Máxima MC (MMC) en TU/e.

Een kunstbaarmoeder dient als vervanging van de couveuse en kunstmatige beademing. Dat is veel natuurlijker, omdat het de natuurlijke omstandigheden van een echte baarmoeder veel meer benadert. “Het doel is om met een kunstbaarmoeder extreem vroeg geboren kinderen door de kritische periode van 24 tot 28 weken te helpen”, vertelt Guid Oei, gynaecoloog werkzaam in MMC en deeltijdhoogleraar TU/e, in een persbericht. De overlevingskansen baby's die zo vroeg geboren worden zijn klein; ongeveer de helft overlijdt bij 24 weken zwangerschap. De baby’s die overleven, hebben vaak hun leven lang problemen met chronische aandoeningen zoals hersenschade, verminderde longfunctie en/of netvliesproblemen met mogelijk blindheid tot gevolg. “Met elke dag dat de groei van een foetus van 24 weken in een kunstbaarmoeder wordt verlengd, stijgt de overlevingskans. Als we de foetale groei van deze kinderen in de kunstbaarmoeder kunnen verlengen tot 28 weken is het risico op voortijdig overlijden teruggebracht tot 15%”, zegt Oei.

Ondersteuning

“We zullen uitgaan van verschillende technologieën om de kunstbaarmoeder tot stand te brengen”, vertelt Frans van de Vosse, hoogleraar Cardiovasculaire Biomechanica binnen de faculteit Biomedische Technologie van de TU/e en coördinator van het project. “De omgeving waarin de te vroeg geboren baby’s wordt opgevangen is net als de natuurlijke baarmoeder op vloeistof gebaseerd. Hierin vindt dus geen beademing met zuurstof via de longen plaats. Zuurstof- en voedingsstoffenuitwisseling verloopt via de navelstreng met behulp van een kunstmatige placenta. Het systeem dat daarvoor zorgdraagt monitort continu de toestand van de baby. Denk hierbij aan hartslag en zuurstofvoorziening, maar ook hersen- en spieractiviteit. Geavanceerde computermodellen die de toestand van de baby simuleren worden gebruikt om zeer snel de arts te ondersteunen in besluitvorming omtrent de instellingen van de kunstbaarmoeder”.

Binnen het project is ook de groep Industrial Design of Embedded Systems onder leiding van Loe Feijs actief. Zij ontwikkelen een foetale oefenpop die nauwkeurig veel te vroeg geboren baby’s in een intensive care-instelling kan simuleren. Hiermee kan de kunstbaarmoeder in een realistische testomgeving worden geëvalueerd voordat het in de kliniek zal worden toegepast.

Verder onderzoek

“De komende vijf jaar gaan we deze technologieën in Europees wetenschappelijk verband verder onderzoeken, testen en uitwerken om tot een eerste prototype kunstbaarmoeder te komen. Dat is een geweldig mooie uitdaging”, aldus Oei. TU/e en MMC zijn initiatiefnemer van dit Europees consortium in samenwerking met LifeTec Group, Nemo Healthcare, Politecnico di Milano en Universitätsklinikum Aachen. De partners die in dit consortium samenwerken zijn experts op alle deelgebieden die nodig zijn om de kunstbaarmoeder te ontwikkelen. Door de ervaring te delen en de krachten te bundelen komt de realisatie van de kunstbaarmoeder snel dichtbij.

Horizon 2020

Horizon 2020 is het grootste EU-onderzoeks- en innovatieprogramma ooit met bijna € 80 miljard aan financiering beschikbaar gedurende 7 jaar (2014 tot 2020) - naast de particuliere investeringen die dit geld zal aantrekken. Het belooft meer doorbraken, ontdekkingen en wereldprimeurs door geweldige ideeën van het lab naar de markt te brengen.

Bron: TU/e/AD.nl

Geef jouw mening

Bij je reactie wordt je achternaam niet getoond